Piet Laros, een leven lang strijd voor sociale gerechtigheid

1

14 maart 2017 door spanje3639

Dit jaar is het twintig jaar geleden dat ‘Hollander Piet’ (Piet laros, kapitein van de Nederlandse compganie in het bataljon Edgar Andre) overleed. Wij plaatsen hier een levensbeschrijving over hem. Het is een herdruk van een artikel van Dunya Breur, de dochter van Spanjestrijder Krijn Breur. Dit is eerder geplaatst in het blad De Koerierster, nr. 1, 1997.

 

Een leven lang strijd voor sociale gerechtigheid

Op 1 januari van dit jaar overleed in Nijkerk Piet Laros op vijfennegentigjarige leeftijd. De strijdvaardige Brabander die gedurende de Spaanse Burgeroorlog kapitein was geweest van de Nederlanders in de Internationale Brigades.

Onder de naam ‘Hollander Piet’ werd hij legendarisch.

De ‘Compagnie der Zeven Provinciën’ onder leiding van Piet was op de moeilijkste en gevaarlijkste momenten in de voorhoede aan het front. Bij de Ebro, bij Jarama, bij Gandesa en bij Quinto. Spanje bleef gedurende Piets hele leven het land waar de solidariteit en de kameraadschap van toen een voorbeeld waren geweest voor nu en altijd.

Het land waar zijn hart lag. Het land waar zij gedroomd hadden van een betere wereld, een betere maatschappij. De inspiratie uit Spanje hadden zij mee terug naar huis genomen, en vertellen over Spanje was iets wat Piet graag deed

 

In 1901 werd Piet Laros geboren in het Brabantse dorp Kaatsheuvel. Zijn vader was er schoenmaker en kleine boer. Piet had vier zussen en één broer.

Na de lagere school moest Piet werken. Hij had graag voor schoolmeester geleerd, maar daar was geen geld voor. Een van de banen die hij gehad heeft, was op een steenfabriek in Udenhout. Dat betekende: om 3 uur op, om 4 uur lopen (het was 3 uur lopen naar Udenhout), om 7 uur beginnen in de fabriek tot ‘s middags 5 uur, dan weer naar huis lopen en om 8 uur was hij thuis. Piet verdiende daar 12 gulden in de week en hij kreeg twee kwartjes zakgeld van zijn vader. Na drie maanden kocht zijn vader een fiets voor hem. Het was de bedoeling dat Piet boer zou worden, maar Piet wilde weg.

Hij zag het leven om zich heen, de armoede, de onderdanigheid en hij besloot: dat nooit!

Rode dominee

Van zijn vader had Piet al wel eens gehoord over de ‘rode dominee’ (Domela Nieuwenhuis) die opstand predikte onder de arbeiders en het sociale onrecht aan de kaak stelde. Piet wilde daar meer van weten. Hij vertrok na de dood van zijn vader uit Brabant en ging als polderwerker werken in de Wieringermeer bij de Zuiderzeewerken. Daar werkten ook Groningers en Drenten, overtuigde anarchisten. Toen Anton Constandse er spreekbeurten hield, werd Piet anarchist. En toen in 1933 in Nederlands Indië, op het schip ‘De Zeven Provinciën’, muiterij uitbrak, waarop de Nederlandse regering het schip liet bombarderen, deelde Piet vlugschriften uit en organiseerde een protestdemonstratie.

Hij werd gearresteerd. Hij nam de schuld op zich van een kameraad die suikerziekte had en gevangenschap misschien niet zou kunnen doorstaan en belandde in de gevangenis voor 14 maanden. Hier las hij het pleidooi van Dimitrof, de Bulgaarse communist, dat deze had gehouden tijdens het proces na de brand in het gebouw van de Rijksdag in Berlijn. Het gaf Piet moed en inspiratie. En inzicht!

Ais anarchist was hij de gevangenis ingegaan, als communist kwam hij er uit. Politiek zou verder zijn gehele leven gaan bepalen en het doel en richting geven.

Burgeroorlog in Spanje

In 1936 brak in Spanje de Burgeroorlog uit. Er was een grote linkse verkiezingsoverwinning geweest en enkele generaals, waaronder Franco, wilden de geschiedenis weer terugdraaien en deden en greep naar de macht. Door de kranten verspreidde het nieuws zich over de gehele wereld. De democratie in Spanje moest worden verdedigd, de wettige regering werd bedreigd. En met het opkomende fascisme in Italië en Duitsland, waar boeken werden verbrand en de joodse bevolking werd bedreigd, was het van levensbelang de democratie in Spanje te verdedigen.

Piet Laros geeft een Spaanse soldaat aanwijzingen.

Uit alle landen van Europa, uit Canada, China en de Verenigde Staten, uit de U.S.S.R., overal vandaan gingen mensen naar Spanje. Piet was inmiddels getrouwd en had drie kinderen. Hij discussieerde ‘s avonds met zijn vrouw en ten slotte vroeg hij toestemming aan de partijleiding van de Communistische Partij om naar Spanje te gaan. Hij kreeg die toestemming niet. Hij leverde zijn partijboekje in en ging toch. Op de fiets naar Parijs.

Piet Laros, rechts, temidden van zijn strijdmakkers.

Vanuit Frankrijk illegaal de grens over naar Spanje. Sommigen gingen s nachts te voet over de Pyreneeën, Piet ging per boot vanuit Marseille. In Spanje vocht hij eerst bij de verdediging van Madrid, later kreeg hij het commando over een Compagnie van de 11de Brigade. Hij raakte drie maal gewond, en kwam eenmaal terug in Nederland. In het geheel was hij 28 maanden in Spanje. Zijn hart zou altijd voor Spanje blijven kloppen.

Piet Laros. midden, in de frontlinie.

In het verzorgingstehuis in Nijkerk, waar hij overleed, hing het Spaanse document waarin hem de Spaanse nationaliteit werd aangeboden aan de muur boven zijn bed. Want verlies van het Nederlanderschap en het jarenlang moeten leven als statenloze, was ooit voor hem en vele anderen de consequentie geweest van hun besluit het Spaanse volk te gaan helpen.

In de aanval aan het front van Guadarrama

Terug naar Nederland

Eind 1938 besloot de Spaanse regering de Internationale Brigades te ontbinden.

Begin december 1938 kwamen 130 Nederlanders met Piet Laros aan het hoofd per trein aan in Roosendaal. Marechaussee en politie hadden het gehele station afgezet, zij mochten niet worden toegejuicht en geen politieke toespraken houden. Ten slotte zongen de Interbrigadisten ‘Zie ginds komt de stoomboot uit Spanje weer aan …!’. Andere liederen waren niet toegestaan. Hun persoonlijke documenten moesten zij afgeven. Ten slotte hield Laros een toespraak: ‘Ik ben jullie kapitein niet meer, maar kameraad zal ik blijven tot in de dood. Daarvoor hebben wij samen te veel meegemaakt …’

Brabanders en Limburgers bleven achter, de rest reisde door naar Amsterdam. Hier was een enorme menigte samengestroomd en in Krasnapolsky werd hen — terwijl het Sinterklaasavond was — een stormachtige ontvangst bereid. Toen zij er in het gelid heen marcheerden salueerde zelfs de politie.

Maar de nederlaag van het democratische Spanje luidde inderdaad de Tweede Wereldoorlog in, in het erop volgende jaar, 1939, werd Polen onder de voet gelopen en de oorlog was een feit.

Piet Laros en Krijn Breur, oud-Spanjestrijders, op 25 mei 1939 in Amsterdam-Noord t.g.v. Krijns 22ste verjaardag.

Hollander Piet

ln Nederland kwam — bij uitgeverij Pegasus — het boekje uit ‘Nederlanders onder commando van Hollander Piet in Spanje’, geschreven door Gerard Vanter. Het zou al gauw tot de verboden linkse boeken gaan behoren waar de Duitse bezetter naar zocht. In mei 1940 was ook Nederland bezet. Joden, communisten en oud-Spanjestrijders waren de mensen die als eersten werden vervolgd. En veel oud-Spanjestrijders aarzelden ook niet hun in Spanje opgedane ervaring en hun militaire kennis — zij hadden verstand van wapens en van springstoffen — te gebruiken voor acties tegen de bezetter.

Ook Piet, zo kort pas weer terug bij zijn gezin (er was inmiddels een dochtertje geboren, Dolores Laros, genoemd naar de Baskische mijnwerkersvrouw Dolores Ibarruri, ‘La Pasionaria’, een weduwe die met felle toespraken voor het leger en de bevolking de moed erin had proberen te houden). Ook Piet moest onderduiken, want op zijn huisadres in Utrecht werd hij gezocht. Maar hij was populair in Utrecht. De Utrechtse vreemdelingenpolitie, waar hij zich wegens het verlies van zijn Nederlanderschap steeds moest melden, maakte het hem niet lastig. Piet verdween naar Noord-Frankrijk waar hij ging werken onder de schuilnaam ‘Vermeulen’. Hij zocht contact met het Franse verzet en gaf gegevens door over de Duitse vliegtuigen die landden en vertrokken van het militaire vliegveld vlakbij zijn werk. Piet was ondanks zijn grote kennis en ervaring altijd goed in staat het domme boertje uit te hangen en te doen of hij nergens iets van snapte. Dit redde hem uit menige gevaarlijke situatie.

Arrestatie

Terug in Nederland dook hij onder bij Ko van Eekeren in Bussum en deed verzetswerk voor de groep van de Indonesische communist Roestam Effendi. Maar niet lang, want begin 1942, toen hij zijn dochtertje wilde zien die in huis was bij familie in Delfzijl, raakte de familie in paniek en belde de politie. Piet, die al lang werd gezocht, werd direct gearresteerd en naar Utrecht gebracht, waar hij verhoord werd door de beruchte politieman Smoorenburg, een Hollander in dienst van de Duitse Gestapo. Vanuit Utrecht werd hij met een stok in zijn broek naar de Euterpestraat in Amsterdam gebracht, en vandaar naar de gevangenis aan de Weteringschans waar hij 6 weken zat. Hier werd hij door vijf man verhoord, drie Hollanders en twee Duitsers. Er lag een grote stapel boekjes van Gerard Vanter met zijn portret erop, en een flinke stapel ansichtkaarten die indertijd verkocht waren voor hulp aan Spanje. Er stonden woorden van Piet op: ‘Denk elke dag een uur aan Spanje!’ De oogst van heel wat huiszoekingen.

Een van die Duitsers komt op hem af en zegt: ‘Ach so, sie sind also der Holländer Piet?’ ’Nein’, zegt Piet, ‘ich bin Laros Petrus’. ‘Aber Sie sind doch der Kapitän der Roten Brigade? Wie viele von uns haben Sie erschossen?’ ‘ja, ich war einmal Kapitän’, antwoordt Piet, ‘aber da war doch kein Deutscher in Spanien?’ (Gedurende de Burgeroorlog werd door Duitsland steeds ontkend dat het fascistische Duitsland Spanje hielp.) Dan zegt die Duitser: ‘Aber ich hatte geglaubt Sie waren ein ganz groszer Kerl. Grosze Hände, grosze Füsze, groszer Kopf. Und jetzt sind Sie so ein kleines Scheiszkerlchen!’

Het verhoor begon vriendelijk. Men ondervroeg hem over Jef last en diens uitgeverij in de Amsterdamse Kerkstraat. Maar aan het einde van het verhoor werden Piet haast alle tanden uit de mond geslagen en werd hij op zijn rug over het burreau getrapt.

Daarna kwam Piet voor 3 maanden in kamp Amersfoort en vervolgens ruim 3 jaar in Buchenwald, waar hij bij binnenkomst ondervraagd werd door prof. mr. B.M. Telders (de vroegere hoogleraar Internationaal recht uit Leiden), die eveneens gevangen zat en er ‘Schreiber’ was. Toen Piet op de vraag naar zijn militaire rang antwoorde: ‘Kapitein’, zei Telders: ‘ ‘Dat schrijven we dus maar niet op!’ Piet kreeg nummer 12117.

In Buchenwald werd hij opgevangen door andere oud-Spanjestrijders uit verschillende landen. De onderlinge steun was groot en maakte het kampleven iets draaglijker.

Acción Fuego

Na de oorlog, weer terug in Utrecht, werkte Piet tot zijn pensionering in 1965 voor de Koninklijke Wegenbouw Stevin bij de Spoorwegen.

Spanje was nog steeds niet vrij, en om het lot van de Spaanse politieke gevangenen wat te verlichten richtte Piet samen met zijn vroegere medestrijder Rients Dijkstra in Utrecht de organisatie ‘Acción Fuego’ op.

Deze organisatie gaf een blad uit, verspreidde in Nederland informatie over de Spaanse politieke gevangenen en zamelde geld voor hen in. Via illegale kanalen werd dit geld bij de gezinsleden van de vele gevangenen in Spanje afgeleverd, in de loop der jaren vele tienduizenden guldens. Piet was de penningmeester.

‘Acción Fuego’ onderhield ook contact met de Spaanse gastarbeiders die in Utrecht werkten.

Onder al deze werkzaamheden had Laros ook nog een volkstuin (onder de naam Contento, ’tevreden’, ook weer een Spaans woord!) waar hij groente , bloemen en aardappelen verbouwde en waar de kleinkinderen konden komen spelen.

Hij had een opgeruimd karakter en hij kon adembenemend vertellen.

Ofschoon hij het grootste deel van zijn leven in Utrecht woonde, bleef hij toch een echte Brabander: hoffelijk en complimenteus voor vrouwen, netjes in het pak als hij ergens heen moest en ondanks zijn diepe ernst een levensgenieter die grappen kon maken op de meest onverwachte momenten.

Gedurende de laatste jaren van zijn leven was hij door zijn zoon Dick naar Amersfoort gehaald, want na de dood van zijn tweede vrouw Mien had hij het moeilijk. Zijn familie en zijn kinderen hebben het wel eens moeilijk gehad met de grote plaats die de politiek in zijn leven innam, waardoor zij wel eens te kort kwamen.

De totstandkoming van het Spanje-Monument in Amsterdam-Noord was voor Piet een moment van grote voldoening. Hij voerde menigmaal het woord bij herdenkingen op de Scholengemeenschap Noord die dit monument adopteerde onder de goede zorgen van directeur Ariëns. Ook bij de naamgeving van de Gerben Wagenaar-brug, nog niet zo lang geleden, was Piet uit Amstersfoort gekomen en present.

Maandag 6 januari, op ‘Daelwijck’ in Utrecht lag de mooie rood-geel-paarse vlag van de Spaanse republiek over zijn kist. Zijn dochter Dolly voerde het woord, evenals zijn strijdmakker Dick van der Meer en zijn zoon Dick Laros. Zijn achterkleinzoon Remco blies op zijn trompet de ‘Last Post’, Piet was klein van stuk, maar hij laat een grote leegte achter.

 

Vele vrienden en medestrijders waren aanwezig toen op maandag 6 januari jl. voor het laatst afscheid werd genomen van Piet Laros in de aula van het Utrechts crematorium ‘Daelwijck’. Namens het L.K.G. –bestuur werd een bloemstuk gelegd door Joop Geerligs en Fernanda van Hamersveld-Kapteijn.

Dunya Breur, 15 januari 1997

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

One thought on “Piet Laros, een leven lang strijd voor sociale gerechtigheid

  1. G..P. Doornekamp schreef:

    Deze man verdient herdenking zijn gedachtegoed herbeleving !

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

'Vertel jullie kinderen over ons en onze strijd en het leven dat wij wensen. Mogen onze grootste verlangens door het leven zelf overtroffen worden. Werk en heb lief, vecht en win.
Leef. Leef allen en wordt groot.'

Afscheidsbrief van Spanjestrijder Krijn Breur (d.d. 5 februari 1943)

St. Spanje 1936 – 1939

Voor een donatie kunt u gebruik maken van ons rekeningnummer:
NL 96 INGB 0006696045
t.n.v. Stichting Spanje 1936-1939
De stichting is aangemerkt als Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI). Hierdoor zijn giften aan ons aftrekbaar voor de belasting.

Vul email adres in om deze blog te volgen. U ontvangt een email bericht als een nieuw artikel wordt geplaatst.

Google Translate

Herdenking gedichtenboek

Agenda

Geen komende evenementen

%d bloggers liken dit: